Master of Medicine in Family Medicine

Course content

In het laatste jaar van de masteropleiding geneeskunde volg je het vak Verdiepende oriëntatiestage. Heb je ambitie om daarna te starten met de master-na-masteropleiding huisartsgeneeskunde dan kies je bij voorkeur voor minstens één stage huisartsgeneeskunde. Mocht je geen stage huisartsgeneeskunde hebben afgewerkt, dan kun je in de zomervakantie de huisartstage inhalen. Die stage is immers één van de toelatingsvoorwaarden voor de master-na-masteropleiding in de huisartsgeneeskunde.
Bovenop de stage huisartsgeneeskunde moet elke kandidaat-student deelnemen aan de bekwaamheidsprocedure om toegelaten te worden tot de opleiding. Een concrete beschrijving van de toelatingsprocedure is terug te vinden onder de rubriek Toelatingsvoorwaarden.

Course structure

Tijdens de opleiding tot huisarts (master huisartsgeneeskunde) volg je een programma bestaande uit stages bij een huisarts en huisartsrelevante ziekenhuisdiensten. Het betreft een voltijdse begeleide en bezoldigde praktijkuitoefening bij een aangestelde praktijkopleider. In het tweede jaar van de opleiding loop je zes maand opleiding bij een erkende ziekenhuisopleider. Daarnaast zijn tijdens de drie jaar groepsbijeenkomsten geprogrammeerd, seminaries die worden begeleid door een stagemeester- coördinator, thematische opleidingssessies en vormen van afstandsleren (via internet).

Als afronding van de opleiding wordt een masterproef afgeleverd bestaande uit een wetenschappelijk onderbouwd praktijkproject of ander huisartsrelevant onderzoeksproject als scriptie en een portfolio. Voor de organisatie van de opleiding werken de vier Vlaamse universitaire huisartsencentra samen.

Career perspectives

Wie kiest voor huisartsgeneeskunde zoekt een vestiging meestal in functie van de regionale spreiding; de laatste tijd meer en meer in associatie met andere huisartsen of paramedici. De meeste huisartsen werken onder het statuut van zelfstandige.

De taken van de huisarts zijn breder dan die van de specialist. Voor de meeste patiënten is de huisarts de eerste contactpersoon en meestal ook de vertrouwensfiguur, die via het Globaal Medisch Dossier de zorgverlening in overleg met de patiënt coördineert en zorgt voor continuïteit. Een huisarts maakt kennis met alle mogelijke ziektebeelden waaronder ook psychosociale klachten. Negentig procent van de problemen lost de huisarts zelf op, ongeveer tien procent van de patiënten wordt doorverwezen.

Aangezien de huisarts een centrale plaats bekleedt in de eerste lijn, is hij vaak ook betrokken in samenwerkingsverbanden bv. met specialisten, klinieken, OCMW, diensten voor thuisverzorging, centra voor geestelijke gezondheidszorg ... Daarnaast heeft de huisarts uiteraard ook een preventieve taak.

Door de veroudering van de bevolking en een dalend aantal huisartsen is er een stijgende vraag naar huisartsen. Huisartsenwachtposten tijdens het weekend en georganiseerde weekwachten maken de laatste jaren opgang wat de combinatie werk-privé grondig vergemakkelijkt.