Master of Science in de bio-ingenieurswetenschappen: chemie en bioprocestechnologie

Saskia, master

Stap 1 in het kiezen van een studierichting is je zeer goed informeren. Brochures lezen, infodag meemaken, je licht opsteken bij studenten van de verschillende opleidingen waarover je iets te weten wil komen. Alleen zo kun je checken of een richting is wat je denkt wat het is, of wiskunde echt zo belangrijk is enz. Het is belangrijk dat je vol enthousiasme aan iets begint, anders ga je in om het even welke opleiding niet ver geraken. Je kunt dus maar beter weten of het echt iets voor jou zal zijn. Om bio-ingenieur te studeren moet je fan zijn van wetenschap, enige wiskundeaanleg hebben, een breed interessegebied hebben en bereid zijn om hard te studeren. Andere mogelijkheden zijn misschien biochemie en -technologie (minder wiskunde) of pure wetenschappen (biologie, chemie ...).

Yannick, master

Wetenschappen hebben me altijd al geboeid. Op mijn twaalfde had ik dan ook al menig encyclopedie en wetenschapsboek in mijn kast staan. Ik had geen televisie zoals de meeste kinderen en heb mijn jeugd doorgebracht al spelend en lezend. Hierdoor had ik een achterstand voor Engels maar wel een grote voorsprong op alles wat met kennis en wetenschappen te maken had. In het zesde jaar secundair moest ik dan een keuze maken. We kregen begeleiding in de klas maar dat hielp mij niet ver vooruit. Ik heb dan maar een breed scala aan infobrochures opgevraagd bij de Universiteit Gent over alle richtingen waarvoor ik ook maar iets van interesse had. Die heb ik dan allemaal gelezen. Verschillende opleidingen bleken mij toch tegen te vallen en zo maakte ik een eerste selectie. Uiteindelijk bleven er drie opleidingen over: chemie, biochemie en -technologie en bio-ingenieur. Vervolgens ben ik met de klas naar een SID-in beurs geweest. Daar vroeg ik extra informatie over de drie richtingen. Toen viel de richting biochemie en -technologie af wegens te theoretisch en té specifiek. Uiteindelijk moest ik een keuze maken tussen chemie en bio-ingenieur. De eerste infodag die ik bijwoonde was die van bio-ingenieur en tijdens die infodag is mijn keuze vast komen te liggen. De opleiding heeft een brede basis (met wiskunde, fysica ...) en heeft een mooie balans tussen theorie en praktijk. Bovendien kon ik een masteropleiding volgen toegespitst op chemie (voor chemie had ik een passie). En als kers op de taart beschik je uiteindelijk over een ingenieursdiploma.

Kwinten, master

Ik wist al heel lang dat ik bio-ingenieur wou worden omdat ik vanaf het secundair veel interesse had voor wetenschappen en al van kindsbeen af veel contact had met landbouwers. Later heb ik info verkregen via infodagen, folders en beurzen. De overgang was een enorme stap. Op korte tijd moest ik een heel andere studiemethode uitbouwen om grote hoeveelheden leerstof te verwerken (waar ik enorm veel moeite mee had). Bovendien was het wennen aan de grote groepen. Het eerste jaar verliep dus ronduit slecht doordat ik me niet kon aanpassen. Ik heb echter steeds doorgezet en uit elke fout een les getrokken. De proffen en assistenten zijn heel aanspreekbaar en je kunt bij hen altijd terecht met je vragen over de leerstof. Met andere vragen over je studies kun je terecht bij het monitoraat van de faculteit. Op die manier ging het in het tweede jaar al heel wat beter. De examens vond ik in het eerste jaar ongelooflijk moeilijk, maar wel fair t.o.v. de geziene leerstof. Dat ik studeerde in de vakantie voor mijn tweede zit maakte eigenlijk helemaal niet uit. Het was een examenreeks als een andere. Naarmate de jaren vorderden, kon ik steeds meer inzet opbrengen omdat de vakken interessanter werden en meer praktijkgericht. Wat ik zeer graag zou doen als job, is onderzoeker voor het ILVO of voor een andere afdeling van het ministerie van landbouw. Liefst een combinatie van labo en bureau, maar vooral veld(proef)werk.

Sebastian, master

Toen ik de opleiding van ingenieur ontdekte in de infobrochure van de universiteiten, sprak dat me onmiddelijk aan. Daarom zocht ik meer informatie over burgerlijk ingenieur in de chemie. Zo woonde ik een infodag op de universiteit bij over de opleiding. Uiteindelijk hebben mijn leerkrachten van het secundair onderwijs mij verteld over de opleiding tot bio-ingenieur en ik was helemaal overtuigd. Ingenieur, chemie en biologie en een universitaire opleiding. Dat is wat ik wil volgen. De eerste examenperiode was zeer stresserend maar door voldoende door te zetten en er steeds opnieuw optimistisch in te vliegen, kon ik een mooi resultaat neerzetten. De eerste examenperiode is zeer leerrijk voor de volgende examenperiodes, aangezien je daar de mentaliteit van de universiteit leert kennen. Initieel legde ik de lat laag en was voldoende goed genoeg, maar naarmate de opleiding vorderde, wilde ik steeds beter presteren en lukte me dat ook aardig. In het begin dacht ik dat ik enkel non-stop elke avond aan het studeren zou zijn, maar dat is helemaal niet zo. Leiderschap in de chiro en een vakantiejob erbij is zeker goed te combineren. Ook het wekelijkse sportgebeuren is geen probleem. Goede planning en regelmatig studeren laat je dat allemaal toe. Je moet zeker niet wereldvreemd gaan worden en elke avond achter je boeken kruipen.

Joachim, master

Ik heb geen problemen gehad bij de overgang van het secundair onderwijs naar de universiteit. Ik kwam uit de richting wetenschappen-wiskunde met 8 uur wiskunde. De grootste verandering voor mij was de beperkte tijd voor het verwerken van de leerstof door de lange lesdagen. De eerste examenperiode viel al bij al goed mee. Soms was er wat stress maar uiteindelijk is alles goed verlopen. Door die eerste examenperiode wist ik ongeveer wat ik kon verwachten voor de overige examenperiodes. Ik ben tevreden met mijn resultaten. In het eerste jaar ben ik als derde geëindigd met 78,6%. Na het behalen van mijn diploma ga ik eerst nog doctoreren. Nadien zou ik graag in de industrie werken als procesingenieur of op een R&D-afdeling. Ik vind dat het diploma bio-ingenieur een ruime mogelijkheid aan jobs biedt.

Katrien, master

Ik zit volop in de studentenvertegenwoordiging en de combinatie verloopt meestal vrij goed alhoewel het toch zwaar is. Gelukkig kan ik tijdens de examens even tot rust komen want dan zijn er minder vergaderingen en geen lessen. Dat resulteert dan ook in een betere planning. Hoe dichter bij de examens hoe minder nieuwe projecten ik opstart vanuit stuver zijn en hoe meer oude projecten ik afrond. Desondanks blijf ik ook tijdens de examens stuver voor zo'n 1 à 4 uur per dag afhankelijk van een eventuele vergadering of niet. Voor mij is dat een goede verhouding want het interesseert me allemaal en ik wil niets opgeven.

Anika, master

De eerste examenperiode was stressvol. Zodra je de examens gewoon wordt, dikke cursussen leert verwerken, leert welke soort vragen de proffen stellen ... ga je in de latere jaren steeds beter de examens tegemoet. Ik ben altijd tevreden geweest met mijn resultaten (nooit 2de zit). Ik denk dat het belangrijk is om zelfdiscipline te hebben zodat je de cursussen niet laat liggen tot in de examenperiode maar ze al begrijpt en verwerkt gedurende het jaar. Ik ben steeds van mening gebleven dat je je cursus niet de eerste keer mag opendoen tijdens de examens. Voorbereiding is belangrijk! Is er een stuk leerstof dat je niet zo goed begrijpt? Geen nood: proffen zijn ook mensen en geven graag extra uitleg indien nodig. Het studeren wordt ook aangenamer na verloop van tijd omdat je naar vakken gaat die je steeds meer interesseren. Ik heb gekozen voor de afstudeerrichting cel- en genbiotechnologie omdat daar mijn interesse ligt. Ik ben van plan te doctoreren en daarna actief te blijven onderzoeken. Ik vind dat ik veel mogelijkheden heb met mijn diploma.

Hermien, master

Ik wist al heel lang dat ik bio-ingenieur wou studeren. Op het laatste moment ben ik beginnen twijfelen tussen een 3-tal opleidingen waarover ik me beter informeerde door brochures van de UGent te bestellen. Ik twijfelde op dat moment tussen bio-ingenieur, burgerlijk ingenieur en diergeneeskunde. De specifieke jobs die ik kon uitoefenen met die diploma's hebben uiteindelijk mijn keuze bepaald. De overgang vormde geen enkel probleem. De vrijheid die je als student krijgt, kon ik ten zeerste appreciëren. Het eerste jaar verliep vlot. Ik kon optimaal genieten van het studentenleven, de nieuwe mensen en de nieuwe omgeving en ik kende al snel mijn eigen grenzen. Mijn studiemethode voor het eerste semester was oké, en ik bleef ze aanhouden gedurende mijn verdere studies. Mijn masterkeuze (chemie en bioprocestechnologie) heb ik gekozen naar de sector waarin ik zou willen terechtkomen. De link met burgerlijk ingenieur leek mij hier ook het meest terug te komen. Ik wil niet verder studeren (tenzij MBA na een vijftal jaren werkervaring). Ik wil evenmin doctoreren. Ik zie de opgedane kennis tijdens mijn studies vooral als een basis, maar vooral de kritische houding en het probleemoplossend vermogen dat ik aanleerde zijn voor mij de belangrijkste aanwinsten van mijn studies. In de job die ik later wil uitoefenen zijn het die zaken en de sociale vaardigheden die ik belangrijk acht.

Laurence, master

In de laatste graad van het secundair wist ik al dat ik bio-ingenieur wou studeren. Ik was immers op zoek naar een studie die zeer veel variatie vertoonde en zeer breed was: àlle wetenschapsvakken worden er aangeboden wat een unicum is. Universiteit was altijd de enige keuze voor mij vanwege de bredere kennis, de nadruk op zelfstandig werken en het kritisch denken. Ik heb me geïnformeerd via oud-leerlingen die al aan de opleiding begonnen waren, via infobrochures, infodagen (daar konden we cursussen inkijken) en het internet. De overgang was een grote stap in de positieve zin. Eindelijk wat meer zelfstandigheid, zelf leren plannen, zelf een tijdschatting opmaken om te studeren, langetermijnaspecten bewaken ... In het eerste jaar was er een goede spreiding, de studiedruk viel dus best mee. Achteraf bekeken had ik misschien beter wat meer oefeningen tijdens het jaar gemaakt en minder de focus gelegd op de theorievakken. Daarvoor was er genoeg tijd in de examens, maar oefeningen moet je eigenlijk constant bijhouden. Ik was gelukkig geslaagd in eerste zit. Op basis hiervan heb ik de komende jaren toch mijn studiemethode iets veranderd: oefeningen goed bijhouden en zelfs extra maken tijdens het jaar, voor theorielessen is het belangrijk gewoon mee te zijn in de les en dan lukt alles wel.

Davy, master

De overgang viel mij zwaar tegen. In het secundair liep alles van een leien dakje: zonder enige moeite haalde ik percentages tussen de 80 en de 90 als eindresultaat. De inspanning om die resultaten te bereiken was zeer gering. Voor een examen studeerde ik een paar uurtjes en dat was het. Tijdens het schooljaar leerde ik mijn overhoringen vaak in de middagpauze. Ik was dus niet zo'n ijverige student en omdat de resultaten toch goed waren, veranderde ik mijn attitude niet. Toen ik dezelfde stijl aanhield in het eerste jaar aan de universiteit vielen de resultaten dan ook zwaar tegen: 5 op de 10 vakken niet geslaagd. De grootste verandering was voor mij dus het onderwijsniveau. De rest viel allemaal goed mee. Uiteindelijk heb ik zelf 'leren leren', iets wat je normaal gezien moet kunnen vóór je aan hogere studies begint. In het tweede jaar had ik een andere studieaanpak. Ik studeerde veel meer tijdens het jaar en nam genoeg studietijd tijdens de blokperiode. Ik kon na het eerste jaar inschatten hoeveel tijd ik nodig had om een vak in te studeren voor het examen. Die zelfkennis is cruciaal bij het samenstellen van een studeerschema. Die aanpak wierp zijn vruchten af. Enkel op de wiskundige vakken vielen de resultaten weer tegen, ondanks de forse inspanningen. In de tweede zittijd heb ik opnieuw zeer veel tijd geïnvesteerd in wiskunde en de herexamens waren een succes. Na het tweede jaar was mijn wiskundig inzicht eindelijk op het niveau van mijn medestudenten gekomen.

Louis, master

Ik wou eerst chemie doen, maar toen heeft een studente bio-ingenieur mij gezegd om ook eens naar haar opleiding te informeren. Ik ben dan naar de infodag van zowel chemie als bio-ingenieurswetenschappen geweest en daarna lag mijn keuze direct vast. Het was in het begin niet gemakkelijk, vooral de grote hoeveelheid leerstof was een aanpassing. Maar we kregen altijd goede tips van de proffen en assistenten. Ook de goede sfeer op het 'boerekot' sprak mij van in het begin erg aan. Iedereen was er erg open en het VLK (de studentenvereniging) heeft ons ook goed ontvangen. De eerste examenperiode was stresserend maar wel leerrijk: je leert je eigen studiemethode optimaliseren. Het tweede jaar was een pak moeilijker dan het eerste vooral omdat ik pas vanaf het tweede jaar op kot gegaan ben. Bijsturing was er niet echt nodig, wel was het niet gemakkelijk de discipline te proberen aanhouden.

Edward, master

Ga zeker naar infodagen, op je eigen school verzorgd door gastsprekers (studenten) of op de unief/hogeschool zelf. Bouw verder op dingen die je in het secundair interesseerden, kies niet zomaar iets om ervan af te zijn onder het motto 'we zullen wel zien'. Spreek studenten uit je omgeving persoonlijk aan om over een bepaalde opleiding te praten. Laat er geen gras over groeien, je toekomst hangt ervan af!

Eveline, master

Ik nam de eerste examenperiode nogal licht op. Ik had te veel zelfvertrouwen meegekregen van de secundaire school. Daar werd iedereen verteld dat je een genie bent ofzo als je wetenschappen-wiskunde met 8 uur doet ... Het tweede semester heb ik dus serieus veel meer gestudeerd, omdat ik geschrokken was van punten als 12 op 20, 13 en 14 en zelfs een 9. Die punten (die net iets meer dan gemiddeld zijn in het eerste jaar denk ik) was ik niet gewoon. Ik ben uiteindelijk gedelibereerd voor Fysica I (9) en Dierkunde I (9). Ik vond dat toen volledig onterecht. Ik was uiteraard wel opgelucht, maar ik vond dat ik het niet verdiende erdoor te zijn als ik de helft nog niet kon beantwoorden. Ook tegenover mijn vrienden die herexamens hadden vanwege één 8 (en die dus eigenlijk één vak meer beheersten dan ik) voelde ik mij schuldig. Op het vlak van studiemethode heb ik sinds het eerste jaar geleerd dat willekeurig studeren tijdens het jaar mij niets opbracht. Ik studeerde tijdens de weekends (maar totaal niet toegewijd want het examen was nog 3 maand ver) en merkte daar in de kerstvakantie níets van. In het tweede jaar heb ik me dan tijdens het jaar meer gericht op oefeningen maken en zorgde ik ervoor dat ik alles al begreep. Het blokwerk zou toch voor de examens zijn. Het eerste semester van het tweede jaar heb ik het meest gestudeerd van alle jaren aan de UGent. In het derde jaar heb ik gekozen voor de afstudeerrichting cel- en genbiotechnologie. Ik was al van in het secundair geprikkeld door erfelijkheidsleer en was erg geïnteresserd in moleculaire biologie. Achteraf gezien had ik - voor de job die ik later wil uitoefenen - beter milieutechnologie gekozen. De keuze was toen redelijk logisch maar ik had misschien toch beter moeten nadenken.

Lieven, master

Ik wist zeker dat ik naar de universiteit zou gaan. Mijn definitieve studiekeuze echter stond pas begin augustus vast. Ik twijfelde tussen bio-ingenieur, biologie, wiskunde en geschiedenis. De doorslaggevende reden om voor bio-ingenieur te kiezen was de verscheidenheid van de opleiding. Ik heb 2 infodagen en een algemene infobeurs bijgewoond. Tijdens die beurzen heb ik inzicht gekregen in de cursussen van het eerste jaar. Voor mij was het een grote stap, vooral op het gebied van planning en zelfstudie. De overgang viel dan ook serieus tegen met een bisjaar als resultaat. De eerste examenperiode is iets speciaals, zeker omdat de examens dan na Nieuwjaar vallen. Studeren voor de 2de zittijd is een hel en dat wens ik niemand toe. Ik kan niet tevreden zijn met mijn punten maar verdien ook niet meer als ik kijk naar het aantal uren dat ik spendeer aan mijn studie. Vooral op tijd beginnen aan een vak is een pijnpunt bij mij. Na mijn bisjaar had ik dan meer het goede ritme te pakken ...

Lisa, master

Informeer je grondig. Praat met huidige studenten, studenten die afgehaakt hebben, proffen, mensen op de arbeidsmarkt. De opleiding bio-ingenieurswetenschappen is ongelooflijk interessant maar onderschat het niet! De lesroosters zijn zwaar, maar dat geldt voor iedereen, dus je overleeft het wel. Het kritisch denken primeert. Vergeet vanbuiten blokken, het helpt je toch niet. Gelijkaardige opleidingen zijn er genoeg, maar ze zijn niet evenwaardig. Bio-ingenieur is dé enige opleiding met die waaier aan diversiteit en variatie. Daarom moet je ervoor kiezen, omdat alles je interesseert. Infodagen zijn een must, lessen zijn mooi meegenomen.

Wannes, master

In het derde jaar heb ik gekozen om een masteropleiding chemie en bioprocestechnologie te volgen. Die keuze verliep redelijk vlot. Gezien mijn voorliefde voor chemie hoeft dat niet te verwonderen. Uiteindelijk wil ik een diploma om de job te kunnen doen die ik wil doen. Als ik solliciteer voor een job die ik graag wil doen, wil ik niet te horen krijgen dat mijn diploma niet voldoet voor de job. Gelukkig kan ik met een bio-ingenieursdiploma vele richtingen uit en dekt het diploma veel van mijn interessegebieden. Het liefst van al ga ik in de industrie werken (liefst chemie of farmacie), maar het is best mogelijk dat ik andere aanbiedingen tegenkom op de arbeidsmarkt en waar ik met mijn diploma aan de slag kan gaan. In die zin kan ik over de mogelijkheden met mijn diploma zeker niet klagen.