Master of Arts in de taal- en letterkunde (Latijn - Italiaans)

De opleiding taal- en letterkunde is aangepast aan de eisen en maatschappelijke noden van onze tijd. Talenkennis vormt één van de hoekstenen van onze informatiemaatschappij. Door de toename van de mobiliteit en de schaalvergroting van de internationale contacten wordt het steeds belangrijker om te beschikken over een hoog ontwikkelde taalvaardigheid, bij voorkeur in meer dan één taal. Doeltreffende communicatie is echter niet louter een kwestie van taalbeheersing. Ze berust evenzeer op een brede, onbevangen kijk op de maatschappelijke context waarbinnen het taalgebruik en de communicatie plaatsvindt, op een goede kennis van het culturele en meer bepaald het literaire erfgoed, en op een grondig inzicht in taalkundige structuren. De Master in de taal- en letterkunde is één van de drie masters die volgen op de Bachelor in de taal- en letterkunde: twee talen. Er zijn 37 afstudeerrichtingen.

De afstudeerrichtingen in de master zijn: Nederlands-Frans, Nederlands-Engels, Nederlands-Duits, Nederlands-Latijn, Nederlands-Grieks, Nederlands-Italiaans, Nederlands-Spaans, Frans-Engels, Frans-Duits, Frans-Latijn, Frans-Grieks, Frans-Italiaans, Frans-Spaans, Engels-Duits, Engels-Latijn, Engels-Grieks, Engels-Italiaans, Engels-Spaans, Duits-Grieks, Duits-Italiaans, Duits-Spaans, Latijn-Grieks, Latijn-Italiaans, Latijn-Spaans, Nederlands-Scandinavistiek, Frans-Scandinavistiek, Engels-Scandinavistiek, Duits-Scandinavistiek, Latijn-Scandinavistiek, Iberoromaanse talen, Nederlands, Frans, Engels, Duits, Latijn, Scandinavistiek, Grieks.

In de bacheloropleiding (9 talen met 29 talencombinaties), ligt de nadruk op drie basisvaardigheden: een vloeiende actieve beheersing van twee talen, een grondige vertrouwdheid met de taal- en letterkundige onderzoeksmethoden, en een diepgaande kennis van de culturele achtergrond van de bestudeerde taalgebieden. De taalspecifieke vakken worden gedoceerd in de bestudeerde taal (dat is niet het geval voor Grieks en Latijn). Gedurende de eerste twee jaren van de opleiding wegen die twee talen in het programma even zwaar. In het derde jaar krijg je de gelegenheid om de studie van één van de twee gekozen talen extra te beklemtonen en maak je ook een keuze voor een taalkundige of een letterkundige specialisatie. Hierdoor kan je je meer gericht voorbereiden op de keuze van je masterstudie.

In de masteropleiding krijg je gespecialiseerde vakken in de taal- of letterkunde. Daarin worden onderwerpen behandeld vanuit een bepaald theoretisch of maatschappelijk vraagstuk. Het onderwijs neemt de vorm aan van werkcolleges, met veel inbreng van de studenten via discussies, presentaties en papers.

Opbouw

De Master in de taal- en letterkunde bouwt voort op de basisvaardigheden van de bachelor.

Na afloop moet je in staat zijn om zelfstandig complexe wetenschappelijke problemen op te lossen. Hiertoe kun je je op diverse manieren specialiseren: of de twee talen uit de bachelor voort bestuderen of je toeleggen op één van die twee. Daarnaast kun je je ook verdiepen in de algemene taal- of literatuurwetenschap.

Een belangrijk onderdeel van de masteropleiding is de masterproef die een derde van de studiepunten omvat (20 studiepunten).
De studie van de talen zelf omvat 30 tot 40 studiepunten, afhankelijk van de keuze van de taalgroep(en). Bij de meeste talen kun je kiezen uit een aanbod van vakken.
Voor maximaal 10 studiepunten kun je keuzevakken vrij kiezen om je persoonlijk wetenschappelijk profiel uit te bouwen of je taalspecifieke kennis te vervolledigen.

Arbeidsmarkt

Je diepgaande academische vorming met een goede talenkennis, een verfijnd taalgevoel, en een goed inzicht in zowel literaire als niet-literaire teksten, samen met algemene competenties als een creatief, probleemoplossend vermogen en een attitude van levenslang leren, zullen ervoor zorgen dat je in verschillende sectoren terecht kunt.

+++/---
Veel afgestudeerden in de Taal- en letterkunde vinden een gepaste baan in het bedrijfsleven (administratie, communicatiebureaus, public relations of marketing, bank- en verzekeringswezen enz.) en in het onderwijs, een traditioneel belangrijke afzetmarkt die vooral door de generatiewisseling in het secundair onderwijs weer duidelijk aantrekt. Ook in het onderwijs voor volwassenen gaan veel studenten Taal- en letterkunde aan de slag.
Anderen gaan aan de slag als journalist of vertaler of vinden werk in de uitgeverswereld, vooral als redacteur of corrector, of in de culturele sector (zoals musea, bibliotheken, culturele centra en verenigingen).
Voor afgestudeerden met een bijzondere belangstelling voor de theoretische studie van de taal- of letterkunde biedt het wetenschappelijk onderzoek aantrekkelijke perspectieven.
Een lijst met concrete beroepen van alumni van de opleiding vind je terug op www.taalenletterkunde.UGent.be/beroepen.