Master of Science in de ingenieurswetenschappen: chemische technologie

Alessia, master

Als je voor burgerlijk ingenieur kiest, heb je toch wel uit jezelf een zekere studeerdrang nodig om deftig het eerste jaar door te komen. Als dat het geval is, dan kan al in dat eerste jaar je studententijd zeer aangenaam zijn. Je hoeft echt niet hele dagen opgesloten te leven om constant te studeren.

Dirk, master

Eerst en vooral moet je zoveel mogelijk informatie verzamelen. Van alle mogelijke richtingen zijn er gegarandeerd enkele die je al afschrijft en enkele die je interesseren. Zoek van die laatste meer informatie. Zoek mensen die het studeren. Stel vragen! Een infodag is enkel nuttig als je er ook informatie uit haalt. Spreek de begeleiders aan en stel om het even welke vraag. Zodra je informatie hebt, zul je voelen welke richting je wil uitgaan. Dat ene boekje zal er net iets interessanter uitzien dan dat andere. Zoek meer boekjes erover. Zodra je keuze beperkt is tot 2 à 3 richtingen, kijk dan naar jezelf. Wees eerlijk en doe vooral wat je wil. Je gaat er de komende jaren voortdurend mee bezig zijn. Zorg dan ook dat je het graag doet. Studeren lukt enkel als je het graag doet.

Gaetan, master

Het mooie aan studeren is vooral dat je zelf beslist wat je wanneer doet. Door een beetje deftig te plannen en voor jezelf kritisch te zijn, kan je perfect je studies met je hobby's/sociale leven combineren. Wil je 's avonds vaak uitgaan, kun je je werk overdag of tijdens het weekend doen. Je mag wel niet verwachten dat je nooit iets zal moeten opgeven: het is nog altijd een voltijdse studie. Jezelf wijsmaken dat het ook zonder iets te doen in orde komt, is onzin.

Wout, master

Welke opleiding je ook kiest, voor veel studenten geldt dezelfde regel: je moet leren studeren. Het verschil qua niveau met het secundair is vrij groot, daarom dat een 'andere' studieaanpak van groot belang is. Als je dat niet in je eentje aankan, kun je altijd langsgaan bij het monitoraat. Die mensen kennen de knepen van het vak en zullen je dan ook gouden raad kunnen geven. Aan jou wat je ermee aanvangt uiteraard. Iedereen heeft zijn eigen manier van studeren en aanpak. Voor wie ingenieurswetenschappen wil doen: zorg dat je er met de volle 100 % overtuiging aan begint. Als je er met de we-zullen-wel-zien mentaliteit aan begint, is het beter om een andere richting te kiezen want de kans dat je afhaakt is groot. Tot slot: laat de moed niet zakken wanneer je een examen minder goed gekund hebt, het is niet het einde van de wereld. Een tweede zit is dat evenmin.

Annelies, master

De overgang naar de universiteit is sowieso een immense verandering. De groepen waarin je les krijgt zijn veel groter, er is geen persoonlijk contact met de professoren tijdens de les en de cursussen zijn een pak dikker. Maar buiten de les konden we altijd met onze vragen bij de professoren terecht, we werden echt niet aan ons lot overgelaten. In het begin kende ik ook niemand, maar dankzij de introductiedag leerde ik meteen al een paar mensen kennen en zo maak je snel nieuwe vrienden. Het kotleven is natuurlijk ook een grote aanpassing, vooral de zoektocht naar deftig eten verliep in het begin wel eens moeilijk. Soms krijg je ook heimwee naar het gezellige (en geef toe, gemakkelijke - wat mis ik die vaatwasmachine) gezinsleven thuis, maar je krijgt natuurlijk de kans om meer weg te gaan met je nieuwe vrienden. Die vrijheid en zelfstandigheid bevallen me ondertussen wel, ik krijg zelfs heimwee naar mijn kot als ik in de vakantie thuis ben.

Lieke, master

In het secundair waren de examens wel stresserend maar ik kon er altijd van uit gaan dat de resultaten ok zouden zijn, na zes jaar weet je wel wanneer je de leerstof goed genoeg beheerst. In het eerste jaar unief lag dat natuurlijk anders. De dikkere cursussen vragen een andere studiemethode: je kunt onmogelijk alles vanbuiten leren en moet de hoofdzaken van de bijzaken kunnen onderscheiden. Je voelt je natuurlijk ook veel onzekerder, want je kunt niet zomaar veronderstellen dat je er wel door zult geraken. Zelfs na een examen was het bijzonder moeilijk om in te schatten of het goed gegaan was of niet, omdat je niet weet hoe streng de professoren verbeteren. En ja, tweede zit is niet plezant, maar het is ook het einde van de wereld niet. Voor mij is alles gelukkig toch nog goed gekomen en sinds het tweede jaar heb ik al elke zomer een hele lange vakantie gehad!

Charlien, master

Het eerste jaar was verschrikkelijk: vroeg opstaan, laat studeren, cursussen die niet vooruit gaan en dan dat eerste examen dat meteen mislukt. Plannen is de boodschap, de grond van de cursus studeren ook. Het is niet langer het secundair waar je elk leesteken van elk hoofdstuk moet kennen. Essenties en oefeningen (veel oefeningen!) nemen het over. 12 uren studeren op een dag is niet altijd beter dan 8 uren geconcentreerd een efficiënt studeren! Zelfde verhaal in het tweede semester en in tweede zit ... Ik weet echt niet wat ik toen verkeerd deed ... Niets leek te lukken, waardoor ik ernstig begon te twijfelen of ik zou voortdoen. Ik heb dan doorgezet en daarna ging alles op miraculeuze wijze veel vlotter.

Lore, master

Kies met je hart, kies iets dat je leuk gaat vinden, kies nooit omdat iemand anders vindt dat je dat 'moet' doen. De motivatie zal ver te zoeken zijn dan en het resultaat navenant. Kies ingenieurswetenschappen als je meer dan zeker weet dat je het zal aankunnen; als je twijfelt dat je het zal aankunnen en een zeer harde werker bent; als je een breed pakket aan vakken leuk vindt: chemie, fysica, wiskunde, technologie; als je een stevige brok theorie aankan. Wie meer praktische zaken wil zien, moet voor industrieel ingenieur kiezen. Ga ook naar infodagen en spreek met mensen die ingenieur studeren.

Zoe, master

Zelf heb ik mijn hobby's bijna allemaal moeten stopzetten. Het is niet zo dat er geen vrije tijd overblijft, maar het 'vervelende' aan hobby's is dat je ze vaak wekelijks op een vast tijdstip moet uitoefenen. Wanneer er deadlines zijn, moet je ze dan opzij schuiven. Om mijn vrije tijd nu opnieuw in te vullen ben ik actief binnen mijn studentenvereniging. Het is leuk om te doen: veel sociaal contact en je hebt het gevoel iets voor anderen te doen. Het is ook een hobby die in de examenperiode toch stil ligt: niemand komt naar activiteiten in de examens. Uiteindelijk is het weer zoiets dat afhangt van student tot student: ik ken even goed mensen die nog steeds in hun jeugdbeweging zitten of veel aan sport doen. Je moet het zelf allemaal wat aanvoelen ...

Bob, master

De juiste studieaanpak vinden is de moeilijkste opdracht in het eerste jaar: het is soms moeilijk je eigen karakter of manier van plannen aan te passen. Negatieve stress die nergens toe leidt, moet plaats ruimen voor positieve stress die je vooruit doet komen. Je mag op voorhand het examen niet onderschatten: pas als je het examen gemaakt hebt, kan je met zekerheid zeggen of je er voldoende voor hebt gedaan. Je gaat best uit van een aartsmoeilijk examen ... Als het dan uiteindelijk toch een makkelijk examen blijkt te zijn, des te beter. Opnieuw moeten studeren voor een examen is nooit leuk, de stof is deels gekend maar het vak roept ook negatieve gevoelens op. Je gaat bij het studeren dus van bij het begin best voor de korte pijn. Het is altijd belangrijk door te zetten en (ook bij tijdsgebrek) er het beste van te maken.

Benjamin, master

De eerste maanden verliep de overgang eigenlijk veel vlotter dan gehoopt. Het grote verschil zat hem in het feit dat ik plots in een auditorium zat samen met 400 andere studenten. Daarnaast lag ook het tempo een stuk hoger. Die eerste maanden was alles nog leuk. De lessen gingen goed vooruit en als je echt geen zin had, hoefde je niet te gaan. Tussen de lessen was er tijd genoeg om van een terrasje te genieten of even te gaan poolen. Uiteraard werd er ook wel wat gestudeerd, maar veel was dat nog niet. De grote schok kwam in december, toen de examens plots wel héél dichtbij kwamen. De hoeveelheden te studeren leerstof waren veel groter dan in het secundair, zodat dit wel even slikken was. Maar met een gezonde portie moed en doorzettingsvermogen kwam alles tot een goed eind. Gelukkig heb ik toen het besluit genomen om in de daaropvolgende semesters tijdens het semester iets harder te werken.

Sebastiaan, master

Mijn overgang was vooral een grote verandering qua niveau en mentaliteit. Gedaan met gedwongen stukken les bij te houden om de toets te kunnen, gedaan met tegen je zin les te krijgen over iets dat je liever zo snel mogelijk vergeet. 'Niet naar de les moeten' lijkt op het eerste gezicht aantrekkelijk, maar doordat je nu echt doet wat je interesseert ga je ook graag naar de les. Eindelijk degelijke uitleg van mensen die weten waarover ze praten. Het begin is wel moeilijk. Al was het nog zo interessant en heb je echt het besef dat je iets hebt bijgeleerd tijdens een les, als je het niet nakijkt ben je na een paar weken nog amper mee. Die triviale stellingen uit de 2de les leken toen zo vanzelfsprekend en logisch, maar nu ze worden gebruikt moet je toch even nadenken of ze eigenlijk wel toepasbaar zijn. Je beseft dat je eerste gevoel van 'dit wordt een eitje' herzien mag worden en dat het pas begonnen is. De overgang is niet simpel, maar het helpt dat je eindelijk mag doen wat je interesseert.

Isabel, master

Ik wist al lang wat ik wou gaan doen, maar heb me toch extra geïnformeerd om zeker te zijn. Ik ging naar de SID-ins en bezocht de infodag van mijn faculteit. De cursussen van een aantal vakken waren daar te bezichtigen. Het brede pakket aan vakken gaf de doorslag ten opzichte van opleidingen die zich specifieker focussen. De overgang verliep echter minder vlot dan gehoopt: ik heb mijn eerste jaar opnieuw moeten doen. Ik weet nog altijd niet wat er toen mis was met mijn studiemethode, maar blijkbaar is ze toch veranderd, want sinds dat eerste jaar heb ik een pak minder moeite met de vakken. Plannen is alvast de grote boodschap. Het hoeven geen gedetailleerde plannen te zijn, maar je moet ergens toch een zicht hebben op wat je wil bereiken.

Patricia, master

Net zoals vele ingenieurs heb ik geen zin in een normale 9 to 5 job. Ingenieurs zijn vaak geëngageerd en de meeste willen dan ook iets meer uit de brand slepen in hun professionele leven. Ook ik wil uiteindelijk graag aan projectmanaging doen, een team leiden, ideeën uitwerken, nieuwe plannen realiseren. Een ingenieur heeft een zeer ruim keuzepakket vind ik, je kan gaan werken in de sector van je specialisatie (natuurkunde, computerwetenschappen ...) of je kan iets totaal anders gaan doen waar je je dan laat bijscholen (economie) of je kan consultancy gaan doen. De waaier aan mogelijkheden is zeer ruim en de vraag is groter dan het aanbod. Wie werkzekerheid wil, is hier zeker aan het juiste adres.

Goele, master

Ik weet nog niet goed wat ik later wil doen. Waarschijnlijk zal ik in onderzoek gaan, hopelijk krijg ik de kans om te doctoreren. Als ik nog iets bij zou doen zou het fysica of economie zijn. Fysica omdat dat dicht aansluit bij wat ik nu doe, en economie omdat dat meer mogelijkheden biedt op de arbeidsmarkt. Met mijn diploma denk ik niet dat ik ooit problemen zal hebben om aan een job te geraken.

Sam, master

Mijn keuze lag eigenlijk al vast aan het begin van mijn laatste jaar secundair. Ik deed er wetenschappen-wiskunde met 8 u. wiskunde. Wiskunde en fysica waren mijn droom, dus leek burgerlijk ingenieur me de ideale richting. Ik heb dan ook niet echt naar andere opleidingen gekeken. Wel heb ik de infodag aan de faculteit bijgewoond en die wist me te overtuigen. Intussen zat mijn zus in het eerste jaar ingenieurswetenschappen: op die manier had ik een beetje zicht op de moeilijkheid van de cursussen en de hoeveelheid werk. Pas toen ik al bezig was aan mijn studies heb ik maar echt beseft dat er nog heel wat andere studiemogelijkheden waren.